Een gazon is altijd een mooie aanvulling op je tuin, zowel voor de sier als om er actief gebruik van te maken. Een gazon aanleggen is iets wat je prima zelf kunt doen. We geven je hieronder een aantal handige tips.
Bij het aanleggen van een gazon is het belangrijk om de grond eerst goed voor te bereiden. Vervolgens kies je de juiste zaaimethode en houd je de groei van het gras in de gaten voor de eerste maaibeurt.
Twee periodes zijn geschikt om een gazon aan te leggen. In het voorjaar, van half maart tot begin juni. Of in het najaar, van september tot oktober.
Voor een gazon moet de pH-waarde van de grond tussen de 5.5 en 6.0 zijn. Bij een te lage pH-waarde voeg je kalk toe, bij een te hoge pH-waarde tuinturf.
Zorg voor voldoende voeding in de grond, door mest door de bovenste 15 cm grond te bewerken. Gazonzaden houden daarbij van een stevige onderlaag en een omgespitte bovenlaag van zo’n 30 cm. De bovenlaag egaliseer je voor een gelijkmatige verdeling.

Zaai de helft van het gazonzaad in horizontale richting, de andere helft in verticale richting. Hiermee zorg je voor een vol gazon. Hark het zaad voorzichtig in en egaliseer de grond opnieuw.
Een pas aangelegd gazon besproei je de eerste 14 dagen 2 tot 3 keer per dag met water. Na de eerste 14 dagen besproei je het gazon maximaal 1 keer per week.
Maai je gazon voor het eerst wanneer de grassprieten 8 tot 10 cm lang zijn. Zorg dat je de grassprieten niet korter maakt dan 5 cm, de sprieten zijn nog kwetsbaar.

Lees ook: Tips voor een goed gazon
Laat een reactie achter