Hop: Humulus lupulus
Plantenlaag: Klimplanten
Plantenfuncties: Kruiden, verwerkt eetbaar, omheining,
Bloeitijd: Juni
Oogsttijd: Augustus tot september

De hop (Humulus Lupulus) is een doorlevende klimplant. Ze behoort tot de familie van de hennepachtigen. De hennepfamilie is over de hele wereld verspreid.

De hop is de langste kruidachtige klimplant van onze flora. De plant overwintert met behulp van een wortelstok, een ondergronds stengeldeel waaruit bebladerde stengels ontspringen, die in de lente nieuwe scheuten voortbrengt. De stengel heeft een vierkantig tot zeskantig uitzicht, voelt ruw en knobbelig aan. Dit komt omdat zij bezet is met fijne ankervormige haartjes. Deze weerhaakjes klampen zich vast aan de leidraad waardoor de plant rechtswindend omhoog klimt. De stengel kan op warme, zonnige dagen tot één centimeter per zonlichtuur groeien. De bladeren staan in paren tegenover elkaar. De bladeren zijn handvormig gespleten en hebben lange stelen. De vorm en grootte verschillen naargelang het stadium waarin de plant verkeert. De plant is tweeslachtig, wat betekent dat de vrouwelijke en de mannelijke bloemen op verschillende planten voorkomen.

De hop is een typische windbloeier, het stuifmeel wordt door de wind verspreid. Enkel de vrouwelijke onbevruchte bloemen groeien uit tot hopbellen die bruikbaar zijn in de brouwerijsector, de bevruchte geven een bittere smaak aan het bier. De mannelijke planten dienen enkel om kruisingen uit te voeren. Een plant is volgroeid wanneer ze haar derde levensjaar bereikt heeft. Het eerste jaar (inlegjaar) wordt de plant ingelegd. De opbrengst ligt het eerste jaar uiteraard erg laag. De oorzaak is dat de wortelstok zich nog moet ontwikkelen. In het tweede bestaansjaar (rozenjaar) is de groeikracht sterk toegenomen. Het derde jaar (bruidjaar) is de plant volgroeid. De komende vijftien jaar kan de hopboer optimaal genieten van een volle opbrengst.